We waren om half negen opgestaan, om om half tien te kunnen gaan ontbijten. Het ontbijt was prima verzorgd. Broodjes, vleeswaren, kaas, jam, yoghurt met verschillende muesli soorten, fruit, gebakken en gekookte eitjes, sap, en nog meer. We kregen koffie erbij.
Vanmorgen was het nog steeds een beetje grijs weer. Wel droog. Edwin kwam op het idee om naar Schwaz te gaan. Daar is een rondleiding in een oude zilvermijn. Dat leek mij ook wel wat. Boven in de bergen was het nog teveel bewolkt om van het mooie uitzicht te kunnen genieten. Daarom is dit beter geschikt. Het zou in de mijn 12°C zijn, dus ik nam wel een warm vest mee.
Het is wel een eindje rijden, ongeveer 23km, eerst het Zillertal uit, en dan richting Innsbruck, maar bij Schwaz er weer af. De navigatie leidt ons keurig naar onze bestemming, en we vinden snel een parkeerplaats. Achteraf gezien hadden we veel dichter bij kunnen parkeren, geen wonder dat er ruim plek was. We kochten twee kaartjes, €17 per persoon, met onze hotel kaart €2 korting. We gaan mee met treintje 26. Zonet is treintje 22 vertrokken, we moeten dus nog even wachten. Gelukkig is er wat afleiding, zoals ... een winkeltje. Vol met edelstenen, geslepen stenen, Schmuck, horloges en dergelijke. Na een tijdje hebben we het wel gezien en we gaan op een bankje zitten wachten.
We bekijken hoe de mensen van treintje 24 geroepen worden en zich gaan omkleden. Iedereen moet een zilverkleurige jas aan en en witte helm op. De kinderen krijgen rode helm en jas. Het schouwspel herhaalt zich met groep 25, en dan mogen wij. De helmen zijn één maat, en hij is mij te groot. De jas is helemaal oversized, hij hangt tot op mijn knieën. Erg charmant.

Met jassen en helm op.
We lopen mee met onze gids en moeten plaatsnemen in een treintje. Het is niet meer dan een aantal bakken met een houten bankje over de lengte in het midden waar we achter elkaar op gaan zitten. Dan gaat het treintje en tunnel in. Die tunnel is heel nauw en er is weinig licht, en hij lijkt heel hard te gaan, hoewel dat eigenlijk wel meevalt. Wel een aparte ervaring. Achter ons vindt een kindje het niet zo leuk en begint te huilen. Ah, gossie. Halverwege stoppen we om een tegenliggende trein langs te laten. Dan weer verder en dan mogen we uitstappen.

Met jassen en helm op.
We lopen mee met onze gids en moeten plaatsnemen in een treintje. Het is niet meer dan een aantal bakken met een houten bankje over de lengte in het midden waar we achter elkaar op gaan zitten. Dan gaat het treintje en tunnel in. Die tunnel is heel nauw en er is weinig licht, en hij lijkt heel hard te gaan, hoewel dat eigenlijk wel meevalt. Wel een aparte ervaring. Achter ons vindt een kindje het niet zo leuk en begint te huilen. Ah, gossie. Halverwege stoppen we om een tegenliggende trein langs te laten. Dan weer verder en dan mogen we uitstappen.
Treintje
We zijn dan 800 meter diep in de berg. Hier en daar staan wat overblijfselen uit de tijd dat hier actief zilver en koper gewonnen werd, met behulp van levensgrote poppen werd getoond hoe het werk gedaan werd.

Tafereeltje met poppen
Dat begon in 1554, en liep door tot 1999. Het meest opmerkelijke vond ik het waterrad, dat water weg moest halen. Daarvóór moesten 600 mannen het water weghalen met emmers. Het was voor die tijd een knap staaltje werk om zoiets te bouwen in de nauwe ruimtes in de berg. We spreken 1500 - 1600.

Het waterrad had een doorsnee van 10 meter.
In de middeleeuwen werd het gesteente met vuur verhit om het broos te maken en daarna met hamer en beitel weggehakt. Dat schoot maar heel langzaam op. De uitvinding van dynamiet maakte het allemaal wat gemakkelijker, hoewel daar in het begin behoorlijk wat ongelukken mee gebeurden. De luchtkwaliteit was dermate slecht in de berg dat mensen niet ouder werden dan 35 jaar. Ze gebruikten een blaasbalg die verse lucht naar binnen moest pompen! Het werk betaalde wel goed, maar ja...
We zijn dan 800 meter diep in de berg. Hier en daar staan wat overblijfselen uit de tijd dat hier actief zilver en koper gewonnen werd, met behulp van levensgrote poppen werd getoond hoe het werk gedaan werd.

Tafereeltje met poppen
Dat begon in 1554, en liep door tot 1999. Het meest opmerkelijke vond ik het waterrad, dat water weg moest halen. Daarvóór moesten 600 mannen het water weghalen met emmers. Het was voor die tijd een knap staaltje werk om zoiets te bouwen in de nauwe ruimtes in de berg. We spreken 1500 - 1600.

Het waterrad had een doorsnee van 10 meter.
In de middeleeuwen werd het gesteente met vuur verhit om het broos te maken en daarna met hamer en beitel weggehakt. Dat schoot maar heel langzaam op. De uitvinding van dynamiet maakte het allemaal wat gemakkelijker, hoewel daar in het begin behoorlijk wat ongelukken mee gebeurden. De luchtkwaliteit was dermate slecht in de berg dat mensen niet ouder werden dan 35 jaar. Ze gebruikten een blaasbalg die verse lucht naar binnen moest pompen! Het werk betaalde wel goed, maar ja...
De rondleiding duurde 90 minuten. We reden weer met het treintje terug en deden daarna onze jas weer uit en helm weer af. Het was best warm geworden, en het zonnetje scheen. Ik had trek gekregen en we namen een curryworst met broodje.
We besloten ook even in Schwaz zelf te gaan kijken. In de hoogtij dagen van de mijnbouw was dit de tweede grote plaats in Oostenrijk. Daar was echter niet veel meer van te merken. We parkeerden de auto in een parkeergarage en kwamen uit in een overdekt winkelcentrum van meerdere lagen. Ik heb twee kolberts gekocht bij, jawel, H&M. Ze hebben hier een ander assortiment dan in Nederland. Toen we het wel gezien hadden zochten we de "Altstadt" op. Daar had ik meer van verwacht. De grote kerk had een dak compleet van koper, net als de kerktoren, nu helemaal groen uitgeslagen. Dat toont nog hoe rijk de plaats toen was.

De kerk met dak van koper
Klein kasteeltje.
(Overigens is ook "das goldene Dachl" in Innsbruck gefinancierd van de opbrengsten van de zilvermijn.) De kerk van binnen is ook erg mooi, en rijk versierd. In het winkelgedeelte van de stad was het erg rustig. In Mayrhofen is het drukker. Ze hadden het ook allemaal wat gezelliger kunnen maken, maar hebben dat niet gedaan. Een gevoel van vergane glorie bekroop ons.
We besloten ook even in Schwaz zelf te gaan kijken. In de hoogtij dagen van de mijnbouw was dit de tweede grote plaats in Oostenrijk. Daar was echter niet veel meer van te merken. We parkeerden de auto in een parkeergarage en kwamen uit in een overdekt winkelcentrum van meerdere lagen. Ik heb twee kolberts gekocht bij, jawel, H&M. Ze hebben hier een ander assortiment dan in Nederland. Toen we het wel gezien hadden zochten we de "Altstadt" op. Daar had ik meer van verwacht. De grote kerk had een dak compleet van koper, net als de kerktoren, nu helemaal groen uitgeslagen. Dat toont nog hoe rijk de plaats toen was.
De kerk met dak van koper
Klein kasteeltje.
(Overigens is ook "das goldene Dachl" in Innsbruck gefinancierd van de opbrengsten van de zilvermijn.) De kerk van binnen is ook erg mooi, en rijk versierd. In het winkelgedeelte van de stad was het erg rustig. In Mayrhofen is het drukker. Ze hadden het ook allemaal wat gezelliger kunnen maken, maar hebben dat niet gedaan. Een gevoel van vergane glorie bekroop ons.
Toen we uitgekeken waren gingen weer terug naar ons hotel. Het was iets voor zes uur toen we er weer waren. Ik wilde nog een fles water hebben en een fles wijn. We liepen hard naar de Spar, want we dachten dat die om zes uur dicht ging. Gelukkig was dat niet zo en gaat hij pas om zeven uur dicht.
Weer terug in het hotel gingen we daar eten. We hadden in Mayrhofen nog gekeken naar de menu's van andere restaurants, maar dat zag er allemaal niet beter uit dan bij ons hotel. Ik nam een pizza en Edwin en kaasroomschnitzel met spätzle. Koffie na, geen toetje. Voor de rest van onze dagen doen we half pension, dan hoeven we niet steeds te bedenken waar we gaan eten, en we weten nu dat hier de kwaliteit goed is.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten